(22) Het
is daar dat de Allerhoogste Heer als Nârâyana
geïncarneerd in de gedaante van Zijn menselijkheid en als
Nârâ in de vorm
van een wijze beminnelijk voor iedereen, een lange tijd zware boete
deed terwille van het welzijn van alle levende wezens.'

Hoofdstuk 5: Vidura Spreekt met Maitreya

(11) Wie kan genoeg krijgen van de verhalen
over Hem wiens voeten worden gevormd door de pelgrimsoorden en die in
de samenleving wordt aanbeden door de grote toegewijden? Als
iemands oren die verhalen opvangen doorbreken ze door de liefde die ze
opwekken de banden van genegenheid die een mens voor zijn familie
heeft!

(34) De
lucht, eveneens getransformeerd door de uiterst machtige ether deed de
vorm van het licht ontstaan
en [de bio-electriciteit van] de zintuiglijke gewaarwording waarmee de
wereld wordt gezien.

Hoofdstuk 6: De Manifestatie van de Universele Gedaante

(15) Er
verschenen ogen in de gigantische gedaante die plaats boden aan
Tvashthâ, de god van het licht
en het gezichtsvermogen waarmee vormen kunnen worden waargenomen.

(9) Het drievoudige van
het gigantische hangt samen met de drie aspecten van
âdhyâtmika [het zelf met zijn zintuigen en de geest],
âdhidaivika [de natuur met al haar goden] en âdhibhautika
[de anderen en wat zich meer aan de zinnen voordoet], het tienvoudige
heeft betrekking op de [organen van de] levenskracht [de prâna:
de handen, de voeten, de anus, de geslachtsorganen, de ogen, de neus,
de oren, de tong, de huid en de mond; zie brahma sûtra 2.4: 5-6], en het enkelvoudige verwijst naar het hart.