S'rî
S'uka zei: 'Met het beroeren van water, aansjorren van Zijn
kuras en het oppakken van Zijn Boog zei Hij [Pradyumna]
tot Zijn wagenmenner: 'Breng Me naar waar de krijger
Dyumân zich ophoudt.'
S'rî
S'uka zei: 'Met het beroeren van water, aansjorren van Zijn
kuras en het oppakken van Zijn Boog zei Hij
[Pradyumna] tot Zijn wagenmenner: 'Breng Me naar
waar de krijger Dyumân zich ophoudt.'
(Vedabase)
Tekst
2
Met
Dyumân die huishield onder Zijn troepen sloeg
Rukminî's zoon terug met een glimlach, in de tegenaanval
met acht nârâca-pijlen [van
ijzer].
Met
Dyumân die huishield onder Zijn troepen sloeg
Rukminî's zoon terug met een glimlach, in de
tegenaanval met acht nârâva-pijlen [van
ijzer]. (Vedabase)
Tekst
3
Hij sloeg toe
met vier voor de vier paarden, één voor de
menner, met twee voor de boog en vlag en met één
voor zijn hoofd.
Hij
sloeg toe met vier voor de vier paarden, een voor de menner,
met twee voor de boog en vlag en met een voor zijn
hoofd.
(Vedabase)
Tekst
4
Gada,
Sâtyaki, Sâmba en anderen maakten een einde aan het
leger van de meester van Saubha; allen die in de Saubha zaten
vielen in de oceaan met hun nekken
doorklieft.
Gada,
Sâtyaki, Sâmba en anderen maakten een einde aan
het leger van de meester van Saubha; allen in Saubha vielen
in de oceaan met hun nekken doorklieft.
(Vedabase)
Tekst
5
Het gevecht
tussen de elkaar aanvallende Yadu's en de volgelingen van
S'âlva, dat om die reden tumultueus en angstwekkend was,
duurde zevenentwintig dagen en nachten.
Het
gevecht tussen de elkaar aanvallende Yadu's en de
volgelingen van S'âlva, dat om die reden tumultueus en
angstwekkend was, duurde zevenentwintig dagen en nachten
voort.
(Vedabase)
Tekst
6-7
Krishna die
geroepen door de zoon van Dharma weg was naar Indraprastha
[zie 10.71]
nam toen, met de Râjasûya beëindigd,
S'is'upâla ter dood gebracht en met kwade voortekenen
voor ogen, afscheid van de Kuru-ouderen, de wijzen en
Prithâ en haar zoons, en ging naar
Dvârakâ.
Krishna
die geroepen door de zoon van Dharma weg was naar
Indraprastha [zie 10.71] nam toen, met de
râjasûya beëindigd, S'is'upâla ter
dood gebracht en met kwade voortekenen voor ogen, afscheid
van de Kuru-ouderen, de wijzen en Prithâ en haar
zoons, en ging naar
Dvârakâ.
(Vedabase)
Tekst
8
Hij zei tot
Zichzelf: 'Terwijl Ik, vergezeld van Mijn vermaarde oudere
broer, naar deze plaats kwam, zouden ondertussen de koningen
van S'is'upâla's kant wel eens Mijn stad aan het
belegeren kunnen zijn.'
Hij
zei tot Zichzelf: 'Terwijl Ik, vergezeld van Mijn vermaarde
oudere broer, naar deze plaats kwam, zouden ondertussen de
koningen van S'is'upâla's kant wel eens Mijn stad aan
het belegeren kunnen zijn.' (Vedabase)
Tekst
9
Toen Hij koning
S'âlva's Saubha en de vernietiging die zich voltrok van
al het Zijne zag, trof Kes'ava Zijn maatregelen ter bescherming
van de stad en zei Hij tot Dâruka:
Kes'ava,
toen Hij koning S'âlva's Saubha en de vernietiging die
zich voltrok van al het Zijne zag, trof Zijn maatregelen ter
bescherming van de stad en zei tot Dâruka:
(Vedabase)
Tekst
10
'Breng Me Mijn
strijdwagen, en breng Me snel in de buurt van S'âlva; en
pas op, laat je niet in de luren leggen door deze heer van
Saubha, hij is een groot magiër.'
'Breng
me Mijn strijdwagen, en breng me snel in de nabijheid van
S'alva; en pas op, wordt niet het slachtoffer in de war
rakend van deze heer van Saubha, hij is een groot
magiër.' (Vedabase)
Tekst
11
Met die
opdracht de teugel ter hand nemend reed hij de wagen ernaartoe
zodat, met Hem daar arriverend, al Zijn troepen en van die
tegenpartij het embleem [van Garuda] in zicht
kregen.
Aldus
opgedragen de teugel ter hand nemend reed hij de wagen er
naar toe en zag, [met Hem] daar aankomend, ieder van
Zijn eigen mannen en van de tegenpartij het embleem [van
Garuda]. (Vedabase)
Tekst
12
S'âlva,
die als de meester van een vrijwel geheel vernietigde
strijdmacht Heer Krishna op het slagveld zag, smeet zijn speer
met een angstwekkend geluid in de richting van Krishna's
menner.
S'âlva,
die als de meester van een vrijwel geheel vernietigde
strijdmacht Heer Krishna op het slagveld zag, smeet zijn
speer met een angstwekkend geluid op Krishna's menner
af.
(Vedabase)
Tekst
13
In zijn vlucht
alle richtingen in het licht zettend als was hij een grote
meteoor, werd hij snel door Krishna in de lucht in honderd
stukken gebroken.
Er
op af vliegend alle richtingen in het licht zettend als was
hij een grote meteoor, werd hij snel door Krishna in zijn
vlucht in honderd stukken gebroken.
(Vedabase)
Tekst
14
Zoals de zon
die staat te stralen aan de hemel, belaagde Hij hem met zes
alles doorborende pijlen en mikte Hij op het rondbewegende
Saubha-fort met een hele stortvloed.
Zoals
de zon met zijn stralen in de lucht, belaagde Hij hem met
zes doorborende pijlen en had Hij voor het rondbewegende
Saubha-fort een hele
stortvloed.
(Vedabase)
Tekst
15
Maar toen
S'âlva S'auri's linkerarm trof, de arm met Zijn boog,
viel, hoogst verbazingwekkend, de S'ârnga uit handen van
S'ârngadhanvâ.
Maar
toen S'âlva S'auri's linkerarm trof, de arm met Zijn
boog, viel, hoogst verbazingwekkend, de S'ârnga uit
handen van
S'ârngadhanvâ.
(Vedabase)
Tekst
16
Terwijl van de
kant van alle levende wezens die hier getuige van waren een
grote schreeuw van teleurstelling oprees, brulde de heer van
Saubha en zei hij het volgende tegen
Janârdana:
Terwijl
van de kant van alle levende wezens die hier getuige van
waren een grote schreeuw van teleurstelling oprees, brulde
de heer van Saubha, dit tegen Janârdana uitbrengend:
(Vedabase)
Tekst
17-18
'Aangezien door
Jou, o dwaas, recht onder onze ogen de bruid van Je broeder
[neef in feite], een vriend [S'is'upâla],
werd weggekaapt en hij, een vriend van mij dus, door Jou
temidden van de vergadering werd gedood
[10.74],
zal Jijzelf, die zo overtuigd bent van Je eigen
onoverwinnelijkheid, nu vandaag door mijn scherpe pijlen naar
nergenshuizen worden gestuurd, mits Je natuurlijk het lef hebt
Je tegenover mij op te stellen!'
'Aangezien
door Jou, o dwaas, recht onder onze ogen de bruid van Je
broeder [neef in feite], een vriend
[S'is'upâla], werd weggekaapt en hij, een
vriend van mij dus, door Jou temidden van de vergadering
werd gedood [10.74], zal Jij zelf, die zo overtuigd
bent van Je eigen onoverwinnelijkheid, nu vandaag door mijn
scherpe pijlen naar het land waar je niet van terugkeert
worden gestuurd, als Je het waagt Je tegenover Mij op te
stellen!'
(Vedabase)
Tekst
19
De Allerhoogste
Heer zei: 'Jij, idioot, hebt met je dood ophanden niets in de
gaten en staat maar wat uit je nek te kletsen; helden
daarentegen tonen hun kunsten, ze staan niet te
ratelen!'
De
Allerhoogste Heer zei: 'Jij, zwakzinnige, staat met de dood
voor ogen niet in de gaten maar wat uit je nek te kletsen;
helden daarentegen tonen hun kunsten, ze staan niet te
ratelen!'
(Vedabase)
Tekst
20
Dat gezegd
hebbende sloeg de Allerhoogste Heer vertoornd met een
schrikwekkende macht en snelheid met Zijn knots hem bovenop het
sleutelbeen zodat hij trillend op zijn benen bloed moest
spuwen.
Zich
aldus uitlatend sloeg de Allerhoogste Heer vertoornd met een
angstaanjagende macht en snelheid met Zijn knots hem bovenop
het sleutelbeen zodat hij trillend op zijn benen bloed
opgaf.
(Vedabase)
Tekst
21
Maar toen Hij
Zijn knots weer ophief was S'âlva verdwenen en verscheen
een ogenblik later voor Krishna een man die met gebogen hoofd
jammerend de woorden sprak: 'Moeder Devakî heeft me
gestuurd!
Maar
toen de knots weer werd binnengehaald was S'âlva
verdwenen en verscheen een ogenblik later voor Krishna een
man met het hoofd gebogen die jammerend de woorden sprak:
'Moeder Devakî heeft me
gestuurd! (Vedabase)
Tekst
22
Krishna, o
Krishna, o Machtig Gearmde vol van liefde voor Uw ouders, Uw
vader is gevangen genomen en meegevoerd door S'âlva als
was hij een slager die een tam beest te pakken
neemt.'
Krishna,
o Krishna, o Machtig Gearmde vol van genegenheid voor Uw
ouders, Uw vader is gevangen genomen en meegevoerd door
S'âlva, als was het een slager die een tam beest te
pakken neemt.'
(Vedabase)
Tekst
23
Met het
aanhoren van deze verontrustende woorden sprak Krishna, in het
aangenomen hebben van de menselijke aard, uit liefde met
mededogen [doend alsof Hij zou zijn] ontgoocheld, als
was Hij een gewoon man:
Met
het aanhoren van deze verontrustende woorden sprak Krishna,
in het aangenomen hebben van de menselijke aard, uit liefde
met mededogen ontgoocheld, als was Hij een gewoon
man:
(Vedabase)
Tekst
24
'Hoe kan met
Balarâma die nimmer van slag is en onoverwinnelijk Sura
en Asura verslaat, nu die zielige S'âlva Mijn vader
ontvoeren; hoe machtig is het lot wel
niet!'
'Hoe
kan met Balarâma nimmer van slag, onoverwinnelijk sura
en asura verslaand, nu die zielige S'âlva Mijn vader
ontvoeren; hoe machtig is het lot wel
niet!'
(Vedabase)
Tekst
25
Met Govinda
zich aldus uitend kwam de meester van Saubha op Krishna af
alsof hij Vasudeva vooruit duwde en zei hij het
volgende:
Met
Govinda zich aldus uitend kwam de meester van Saubha op
Krishna af alsof hij Vasudeva vooruit duwde en zei hij het
volgende: (Vedabase)
Tekst
26
'Deze hier is
degene die Jou verwekte, hij voor wie Jij in deze wereld
rondloopt; ik zal hem hier recht voor je neus afmaken; redt hem
maar als Je kunt, Jij kleuter!'
'Deze
hier is degene die Jou verwekte, hij voor wie Jij in deze
wereld rondloopt; ik zal hem hier recht voor je neus
afmaken; redt hem maar als Je kunt, Jij
kleuter!' (Vedabase)
Tekst
27
Nadat de
magiër aldus van zijn minachting had blijkgegeven sloeg
hij de 'Ânakadundubhi' het hoofd eraf en klom hij, het
hoofd meenemend, in het Saubha-vehikel dat in de lucht
hing.
De
magiër aldus van minachting sloeg de
'Ânakadundubhi' het hoofd af en klom, het hoofd
meenemend, in het Saubha-vehikel dat in de lucht hing.
(Vedabase)
Tekst
28
Hoewel Hij er
alles van wist, was Hij voor een ogenblik verzonken in het
normale vasthouden aan Zijn liefde voor degenen die Hem
dierbaar waren, maar toen drong het, met Zijn grote vermogens
van waarnemen, tot Hem door dat het een demonische goocheltruc
was waarvan S'âlva zich bediende naar de ontwerpen van
Maya Dânava.
Hoewel
Hij er alles van wist, was Hij voor een ogenblik verzonken
in het normale vasthouden aan Zijn genegenheid voor degenen
Hem dierbaar, maar toen drong het, met Zijn grote vermogens
van waarnemen, tot Hem door als zijnde de demonische
begoochelende toverkunst ingezet door S'âlva naar de
ontwerpen van Maya Dânava.
(Vedabase)
Tekst
29
Op het slagveld
ontwakend als uit een droom nu weer alert niet meer de
boodschapper noch het lichaam van Zijn vader ziend en opmerkend
dat Zijn vijand in zijn Saubha boven Zijn hoofd rondzweefde,
nam Acyuta het besluit om hem ter dood te
brengen..
Toen
Hij als was het in een droom niet meer de boodschapper noch
het lichaam van Zijn vader zag en opmerkte dat Zijn vijand
zittend in zijn Saubha zich door de lucht bewoog, maakte
Acyuta, scherp erbij op het slagveld, Zich op om hem ter
dood te brengen.
(Vedabase)
Tekst
30
Dat is hoe
sommige wijzen die het niet goed beredeneren het onder woorden
brengen, o ziener onder de koningen. Het lijdt geen twijfel dat
zij in tegenspraak verkeren met hun eigen uitlatingen als ze er
niet in slagen zich te herinneren hoe het in feite is.
[vergelijk b.v. 10.3:
15-17;
10.11:
7;
10.12:
27;
10.31:
*;
10.33:
37;
10.37:
23;
10.38:
10;
10.50:
29;
10.52:
7 en
10.60:
58].
Dat
is hoe sommige wijzen die het niet goed beredeneren zeggen,
o ziener onder de koningen; zij voorzeker verkeren in
tegenspraak met hun eigen uitlatingen als ze er niet in
slagen zich te herinneren hoe het in feite is.
[vergelijk b.v. 10.3: 15-17; 10.11: 7; 10.12: 27; 10.31:
*; 10.33: 37; 10.37: 23; 10.38: 10; 10.50: 29; 10.52: 7 en
10.60: 58].
(Vedabase)
Tekst
31
Het weeklagen,
de verbijstering, de genegenheid of de angst die allemaal
voortkomt uit onwetendheid staat toch in geen verhouding tot de
oneindige waarneming, kennis en weelde van de
Oneindige?
Wat
is nu het weeklagen, de verbijstering, de genegenheid of de
angst allemaal voortgekomen uit onwetendheid, in verhouding
tot de oneindige waarneming, kennis en weelde van de
Oneindige?
(Vedabase)
Tekst
32
Aan Zijn voeten
bannen zij, die zich sterkten door het dienstverlenen in
zelfverwerkelijking, het lichamelijk begrip van zichzelf uit
dat de eeuwige begoocheling vormt en bereiken ze in een
persoonlijke relatie de eeuwige glorie - hoe ter wereld kan er
nu voor Hem, de Hoogste Bestemming der Waarachtigen
verbijstering bestaan?
Hij
aan wiens voeten zij die, gesterkt door de dienst in
zelfverwerkelijking, de foutieve identificatie naar het Zelf
zonder een begin uitbannen en in een persoonlijke relatie de
eeuwige glorie bereiken - hoe ter wereld kan er voor Hem, de
Hoogste Bestemming der Waarachtigen verbijstering
bestaan?
(Vedabase)
Tekst
33
En terwijl
S'âlva met veel geweld Hem aanviel met een stortvloed aan
wapens, doorboorde Heer Krishna onfeilbaar in Zijn kunnen, met
Zijn pijlen zijn kuras, boog en kroonjuweel en sloeg Hij met
Zijn knots het Saubha-voertuig van Zijn vijand
stuk.
En
terwijl S'âlva met veel geweld Hem aanviel met een
stortvloed aan wapens, doorboorde Heer Krishna onfeilbaar in
Zijn kunnen, met Zijn pijlen zijn kuras, boog en kroonjuweel
en sloeg Hij met Zijn knots het Saubha-voertuig van Zijn
vijand stuk. (Vedabase)
Tekst
34
In duizenden
stukken uiteen geslagen door de knots gehanteerd door Krishna,
stortte het in het water. Eruit kruipend en overeind krabbelend
stormde S'âlva toen met zijn knots in de hand op Krishna
af.
In
duizenden stukken uiteen geslagen door de knots gehanteerd
door Krishna, stortte het in het water waarop S'âlva
het verlatend, staande op de grond, zijn knots opnam en
tegenover Krishna in de aanval op Hem
afstormde.
(Vedabase)
Tekst
35
Op Hem af
hollend met zijn knots omhoog werd zijn arm van zijn romp
gescheiden met een bhalla snij-pijl. Vervolgens hield
Krishna, stralend als een berg tegen de rijzende zon, teneinde
S'âlva te doden Zijn wapenschijf omhoog die er precies zo
uitzag als de explosie van licht aan het einde der
tijden.
Op
Hem af hollend met zijn knots omhoog werd zijn arm van zijn
romp gescheiden met een bhalla snij-pijl en hield Hij,
stralend als een berg tegen de rijzende zon, om S'âlva
te doden vervolgens Zijn wapenschijf omhoog die er precies
zo uitzag als de explosie van licht aan het einde der
tijden.
(Vedabase)
Tekst
36
Daarmee
scheidde de Heer toen het hoofd van de romp van die meester der
toverkunsten, compleet met oorhangers en helm, net zoals heer
Indra met zijn bliksemschicht dat deed met Vritrâsura
[zie 6.12].
Daarop was er van de kant van zijn mannen een luid uitgeroepen
'helaas, helaas!' te horen.
Daarmee
ging de Heer er toe over het hoofd van die meester der
toverkunsten af te snijden, compleet met oorhangers en helm,
net zoals heer Indra met zijn bliksemschicht dat deed met
Vritrâsura [zie 6.12]; waarop er van de kant
van zijn mannen een luid prijsgegeven 'Helaas, helaas!' te
horen was. (Vedabase)
Tekst
37
Met de zondaar
gevallen en het Saubha-fort door de knots vernietigd,
weerklonken de pauken in de hemel bespeeld door de groepen
halfgoden, o Koning. En toen was het Dantavakra die woedend, om
zijn vrienden te wreken, naar voren stormde.'
Met
de zondaar gevallen en het Saubha-fort door de knots
vernietigd, weerklonken de pauken in de hemel bespeeld door
de groepen halfgoden, o Koning, terwijl Dantavakra woedend,
om zijn vrienden te wreken, naar voren
stormde.
(Vedabase)