
Canto
3
Hoofdstuk 17: De overwinning van Hiranyâksha over Alle Windstreken van het Universum
(1) Maitreya zei: 'Toen de hemelbewoners de verklaring van Brahmâ hoorden over de oorzaak [der duisternis], raakten ze bevrijd van hun angst en keerden ze vervolgens allen terug naar hun hemelplaatsen. (2) De deugdzame Diti, vol van zorgen over de levenslange problemen waarover haar echtgenoot had gesproken met betrekking tot haar kinderen, bracht tweelingzonen ter wereld. (3) Toen ze werden geboren, waren er vele zeer angstwekkende, ongunstige voortekenen te zien in de hemel, op aarde en in de lucht. (4) De bergen en de aarde schudden van de aardbevingen en het leek alsof er uit alle richtingen vuur kwam met vallende meteoren, bliksemschichten, kometen en ongunstige gesternten. (5) Scherpe winden bliezen die voortdurend huilden en legers van cyclonen met stofwolken als hun vaandel ontwortelden de grootste bomen. (6) Samenpakkende wolken verduisterden de hemellichten met de bliksem hardop lachend in de hemel; alles was gehuld in duisternis en men kon niets meer onderscheiden. (7) Getroffen door verdriet huilde de oceaan vol van geagiteerde schepselen met hoge golven en de drinkplaatsen en rivieren waren verstoord terwijl de lotussen wegkwijnden. (8) Voortdurend verschenen er mistige halo's rondom de zon en de maan die verduisteringen vertoonden, men hoorde donderslagen en ratelende geluiden van strijdwagens komen uit de grotten in de bergen. (9) In de dorpen braakten angstaanjagende jakhals-teven vuur uit hun muilen en er waren de schreeuwen van uilen en het onheilspellende gehuil van jakhalzen. (10) De honden hieven hun koppen allerlei geluiden voortbrengend alsof ze zongen somtijds en dan weer huilden. (11) De ezels, o Vidura, renden als gekken wild balkend van hot naar haar rond in groepen waarbij ze de aarde hard raakten met hun hoeven. (12) Opgeschrikt door de ezels vlogen de vogels krijsend op van hun nesten en stond het vee zich te ontlasten en te urineren in de stallen en de bossen. (13) De koeien gaven in hun angst bloed [in plaats van melk] en uit de wolken regende het pus; de beeltenissen huilden met tranen en bomen vielen om zonder een zuchtje wind. (14) De gunstigste planeten en de andere hemellichten stonden in conjunctie, beschreven retrograde banen of namen conflicterende posities in. (15) Met uitzondering van de zonen van Brahmâ dachten al de mensen die meer van dit alles zagen, niet op de hoogte zijnde van het geheim van al deze grote voortekenen van het kwade, vol van angst dat de wereld op zijn einde liep. (16) De twee van God verlaten, eerste Daitya's van de geschiedenis groeiden snel en ontwikkelden ongewone lichamen die als van staal waren en zo groot als een berg. (17) Met hun schitterende armbanden om hun armen en met de schoonheid van de versierde gordels om hun middel die de zon deed verbleken, schudde de aarde bij iedere stap van hun voeten terwijl de toppen van hun helmen de hemel raakten en ze het zicht in alle richtingen blokkeerden.
(18) Prajâpati Kas'yapa gaf de twee hun namen: hij van de tweeling die van zijn vlees en bloed het eerst werd verwekt [en als tweede ter wereld kwam] noemde hij Hiranyakas'ipu ['hij die op goud teert'] en degene die het eerste uit Diti ter wereld kwam [en als tweede werd verwekt] noemde hij Hiranyâksha ['hij met de geest voor goud']. (19) Omdat Hiranyakas'ipu vol van verbeelding dankzij een zegen van Heer Brahmâ niet bang was dat ook maar iemand hem zou doden, slaagde hij erin de drie werelden en hun beschermheren in zijn greep te krijgen. (20) Hiranyâksha, zijn geliefde jongere broer die altijd voor hem klaar stond, doorkruiste, met een knots in zijn handen klaar om te vechten, de hogere sferen op zoek naar gewapend verzet. (21) Hij had een moeilijk te weerstreven drift, rinkelende enkelbanden van goud en was versierd met een bijzonder grote bloemenkrans over zijn schouders waarop een gigantische strijdknots rustte. (22) Trots als hij was op de fysieke en mentale kracht die hij ontleende aan de zegen, vreesde hij niemand want niemand was hem de baas, zodat de halfgoden zich vol vrees voor hem verborgen als waren ze slangen bevreesd voor Garuda. (23) Toen hij ontdekte dat Indra en de halfgoden met zijn macht voor ogen verdwenen waren en nergens te vinden, wond de leider van de Daitya's zich op en brulde hij luid. (24) Het machtige wezen gaf zijn zoektocht op en dook wraaklustig als een olifant enkel voor de sport diep de oceaan in onder het uitstoten van dat verschrikkelijke geluid.
(25) Toen hij de oceaan inging, raakten de waterdieren, de verdedigers van Varuna die zich onder water ophielden, bevangen door angst door hem te pakken te worden genomen en vluchtten toen, geïntimideerd door zijn schittering, zo ver weg als ze maar konden. (26) De oceaan voor vele jaren doorkruisend, sloeg hij met zijn knots met grote kracht keer op keer op de machtige, door de wind opgestuwde golven en bereikte zo Vibhâvarî, o Vidura, de hoofdstad van Varuna. (27) Toen hij daar in de regionen der onverlichte zielen was aangekomen, boog hij, enkel om de spot te drijven, met een lach op zijn gezicht als een laaggeborene voor Varuna, de Heer en beschermer van de waterdieren en zei: 'O grote Heer, lever strijd met Mij! (28) U bent de bewaarder van dit oord, een bekend heerser. Door uw macht die de trots terugdrong van de ingebeelde helden en waarmee u al de Daitya's en Dânava's [de zoons van Diti en Daksha's dochter Danu, beschouwd als demonen] in de wereld heb overwonnen, wist u ooit een groot koningsoffer [râjasûya] te brengen, o meester.'
(29) Aldus goed op de hak genomen door een vijand wiens ijdelheid geen grenzen kende, werd de respectabele heer der wateren kwaad, maar zich met gezond verstand intomend gaf hij ten antwoord: 'O mijn beste, we hebben het pad der gewapende strijd achter ons gelaten. (30) Er schiet me niemand anders dan de Alleroudste Persoon te binnen die naar uw tevredenheid in een gevecht met u afdoende vaardig zal zijn in de krijgskunst, o koning van de wereld. Benader Hem maar, Hij die zelfs door helden als u wordt gewaardeerd. (31) Als u Hem bereikt, o grote held, zal u snel van uw trots genezen zijn en op het slagveld tenondergaan om tussen de honden te belanden. Om het kwaad uit te roeien dat u bent en om de deugdzamen Zijn genade te tonen, verlangt Hij het om Zijn gedaanten aan te nemen.'
Derde herziene editie, geladen 25 juli 2010.
Vorige Aadhar-editie en Vedabase links:
Maitreya zei: 'Toen de hemelbewoners de verklaring van Brahmâ hoorden over de oorzaak [der duisternis], raakten ze bevrijd van hun angst en keerden ze vervolgens allen terug naar hun hemelplaatsen.Maitreya zei: 'Het aanhoren van de verklaring van Brahmâ over de oorzaak van de angst, bevrijdde hen die van het bovenzinnelijke waren. Vervolgens keerden ze allen terug naar het drievoudige van hun werelden. (Vedabase)
De deugdzame Diti, vol van zorgen over de levenslange problemen waarover haar echtgenoot had gesproken met betrekking tot haar kinderen, bracht tweelingzonen ter wereld.
Diti, de deugdzame vrouwe, in zorgen over de moeilijkheden voor de duur van een mensenleven waarover haar echtgenoot had gesproken met betrekking tot haar kinderen, kreeg twee tweelingzonen. (Vedabase)
Toen ze werden geboren, waren er vele zeer angstwekkende, ongunstige voortekenen te zien in de hemel, op aarde en in de lucht.
Toen ze werden geboren, deden zich vele natuurlijke verstoringen voor in het goddelijke, het aardse en in de buitenruimte, welke de wereld grote angst inboezemden. (Vedabase)
De bergen en de aarde schudden van de aardbevingen en het leek alsof er uit alle richtingen vuur kwam met vallende meteoren, bliksemschichten, kometen en ongunstige gesternten.
De bergen en de aarde schudden van de aardbevingen en het leek alsof er uit alle richtingen vuur kwam met vallende meteoren, bliksemschichten, kometen en ongunstige gesternten. (Vedabase)
Scherpe winden bliezen die voortdurend huilden en legers van cyclonen met stofwolken als hun vaandel ontwortelden de grootste bomen.
Scherpe winden bliezen voortdurend huilende geluiden makend en legers van cyclonen ontwortelden de grootste bomen met stofwolken als hun vaandel. (Vedabase)
Samenpakkende wolken verduisterden de hemellichten met de bliksem hardop lachend in de hemel; alles was gehuld in duisternis en men kon niets meer onderscheiden.
Samenpakkende wolken verduisterden de hemellichten met de bliksem hardop lachend in de hemel; alles was gehuld in duisternis en men kon niets meer onderscheiden. (Vedabase)
Getroffen door verdriet huilde de oceaan vol van geagiteerde schepselen met hoge golven en de drinkplaatsen en rivieren waren verstoord terwijl de lotussen wegkwijnden.
Getroffen door verdriet, huilde de oceaan met hoge golven en schepselen vol ontzetting en waren de drinkplaatsen en rivieren verstoord met de lotussen wegkwijnend. (Vedabase)
Voortdurend verschenen er mistige halo's rondom de zon en de maan die verduisteringen vertoonden, men hoorde donderslagen en ratelende geluiden van strijdwagens komen uit de grotten in de bergen.
Voortdurend verschenen er mistige halo's rondom de zon en de maan die verduisteringen vertoonden, men hoorde donderslagen en ratelende geluiden van strijdwagens uit de grotten in de bergen. (Vedabase)
In de dorpen braakten angstaanjagende jakhals-teven vuur uit hun muilen en er waren de schreeuwen van uilen en het onheilspellende gehuil van jakhalzen.
In de dorpen braakten angstaanjagende jakhalzen vuur uit hun muilen met schreeuwende uilen en het onheilspellende gehuil van jakhals-teven. (Vedabase)
De honden hieven hun koppen allerlei geluiden voortbrengend alsof ze zongen somtijds en dan weer huilden.
Dan weer alsof ze zongen en dan weer huilend hieven de honden hun halzen allerlei geluiden voortbrengend. (Vedabase)
De ezels, o Vidura, renden als gekken wild balkend van hot naar haar rond in groepen waarbij ze de aarde hard raakten met hun hoeven.
De ezels, o Vidura, sloegen de aarde hard met hun hoeven als gekken wild van hot naar haar rondrennend in groepen. (Vedabase)
Opgeschrikt door de ezels vlogen de vogels krijsend op van hun nesten en stond het vee zich te ontlasten en te urineren in de stallen en de bossen.
Krijsend van de commotie vlogen vogels opgeschrikt op van hun nesten en stond het vee zich te ontlasten en te urineren in de bossen. (Vedabase)
De koeien gaven in hun angst bloed [in plaats van melk] en uit de wolken regende het pus; de beeltenissen huilden met tranen en bomen vielen om zonder een zuchtje wind.
Vol angst gaven de koeien bloed op en regende het pus uit de wolken; de beeltenissen huilden tranen en bomen vielen om zonder een zuchtje wind. (Vedabase)
De gunstigste planeten en de andere hemellichten stonden in conjunctie, beschreven retrograde banen of namen conflicterende posities in.
De gunstigste planeten en de anderen stonden in conjunctie met de hemellichten, beschreven retrograde banen of namen conflicterende posities in. (Vedabase)
Met uitzondering van de zonen van Brahmâ dachten al de mensen die meer van dit alles zagen, niet op de hoogte zijnde van het geheim van al deze grote voortekenen van het kwade, vol van angst dat de wereld op zijn einde liep.
Meer van dit alles ziende, niet op de hoogte van het geheim van al deze grote voortekenen van het kwade, waren alle mensen, behalve de zonen van Brahmâ, vol van angst en dachten ze dat de wereld op zijn einde liep. (Vedabase)
De twee van God verlaten, eerste Daitya's van de geschiedenis groeiden snel en ontwikkelden ongewone lichamen die als van staal waren en zo groot als een berg.
De twee van God verlaten zielen, geboren uit de oorspronkelijke bron, groeiden snel, ongewone lichamen manifesterend die als van staal waren en zo groot als een berg. (Vedabase)
Met hun schitterende armbanden om hun armen en met de schoonheid van de versierde gordels om hun middel die de zon deed verbleken, schudde de aarde bij iedere stap van hun voeten terwijl de toppen van hun helmen de hemel raakten en ze het zicht in alle richtingen blokkeerden.
De toppen van hun helmen raakten de hemel alle richtingen blokkerend met hun schitterende armbanden om hun armen en de aarde schudde bij iedere stap van hun voeten terwijl de schoonheid van de versierde gordels om hun middel de zon deed verbleken. (Vedabase)
Prajâpati Kas'yapa gaf de twee hun namen: hij van de tweeling die van zijn vlees en bloed het eerst werd verwekt [en als tweede ter wereld kwam] noemde hij Hiranyakas'ipu ['hij die op goud teert'] en degene die het eerste uit Diti ter wereld kwam [en als tweede werd verwekt] noemde hij Hiranyâksha ['hij met de geest voor goud'].
Kas'yapa gaf de twee hun namen: de ene van de tweeling van zijn vlees en bloed die het eerst ter wereld kwam noemde hij daadwerkelijk Hiranyakas'ipu ['hij die op goud teert'] en degene die uit Diti ter wereld kwam die de eerste was die door de mensen gekend werd noemde hij Hiranyâksha ['hij met de geest voor goud']. (Vedabase)
Omdat Hiranyakas'ipu vol van verbeelding dankzij een zegen van Heer Brahmâ niet bang was dat ook maar iemand hem zou doden, slaagde hij erin de drie werelden en hun beschermheren in zijn greep te krijgen.
Door een zegen van Heer Brahmâ slaagde Hiranyakas'ipu erin de macht te verkrijgen over de drie werelden en hun beschermheren, opgeblazen zonder angst door wie dan ook te zullen sterven. (Vedabase)
Hiranyâksha, zijn geliefde jongere broer die altijd voor hem klaar stond, doorkruiste, met een knots in zijn handen klaar om te vechten, de hogere sferen op zoek naar gewapend verzet.
Hiranyâksha, zijn geliefde jongere broer die altijd voor hem klaar stond, doorkruiste, met een knots in zijn handen en klaar om te vechten, de hogere sferen gewapend verzet zoekend. (Vedabase)
Hij had een moeilijk te weerstreven drift, rinkelende enkelbanden van goud en was versierd met een bijzonder grote bloemenkrans over zijn schouders waarop een gigantische strijdknots rustte.
Hij had een moeilijk te weerstreven drift, rinkelende enkelbanden van goud en was versierd met een bijzonder grote bloemenkrans over zijn schouders waarop een gigantische strijdknots rustte. (Vedabase)
Trots als hij was op de fysieke en mentale kracht die hij ontleende aan de zegen, vreesde hij niemand want niemand was hem de baas, zodat de halfgoden zich vol vrees voor hem verborgen als waren ze slangen bevreesd voor Garuda.
Trots op zijn fysieke en mentale kracht en de gunst die hem verleend was, kon hij niet worden bedwongen, daar hij voor niemand bang was. De goddelijken verborgen zich vol vrees voor hem als waren ze slangen bevreesd voor Garuda. (Vedabase)
Toen hij ontdekte dat Indra en de halfgoden met zijn macht voor ogen verdwenen waren en nergens te vinden, wond de leider van de Daitya's zich op en brulde hij luid.
Toen hij, het werktuig van de Diti-mensen [de Daitya's], ontdekte dat Indra en de machts-beluste schare der goddelijken waren verdwenen zo dat hij ze niet kon vinden, brulde hij het uit. (Vedabase)
Het machtige wezen gaf zijn zoektocht op en dook wraaklustig als een olifant enkel voor de sport diep de oceaan in onder het uitstoten van dat verschrikkelijke geluid.
Zijn zoektocht opgeven, enkel voor de sport dat verschrikkelijke geluid voortbrengend, dook het machtige wezen de oceaan in, wraaklustig als een olifant. (Vedabase)
Tekst 25
Toen hij de oceaan inging, raakten de waterdieren, de verdedigers van Varuna die zich onder water ophielden, bevangen door angst door hem te pakken te worden genomen en vluchtten toen, geïntimideerd door zijn schittering, zo ver weg als ze maar konden.
Toen hij de oceaan inging, raakten de verdedigers van Varuna, zij die onder water leefden, in de put van de angst en nog niet door hem te pakken genomen vluchtten ze, onder de indruk van zijn schittering, zo ver weg als ze maar konden. (Vedabase)
De oceaan voor vele jaren doorkruisend, sloeg hij met zijn knots met grote kracht keer op keer op de machtige, door de wind opgestuwde golven en bereikte zo Vibhâvarî, o Vidura, de hoofdstad van Varuna.
Hij, de oceaan voor vele jaren doorkruisend, sloeg met zijn knots met grote kracht keer op keer op de machtige golven opgeworpen door de wind en bereikte aldus Vibhâvarî, o Vidura, de hoofdstad van Varuna. (Vedabase)
Toen hij daar in de regionen der onverlichte zielen was aangekomen, boog hij, enkel om de spot te drijven, met een lach op zijn gezicht als een laaggeborene voor Varuna, de Heer en beschermer van de waterdieren en zei: 'O grote Heer, lever strijd met Mij!
Aldaar de regionen der onverlichte zielen bereikt hebbend, verboog hij zich glimlachend, alleen maar om de draak te steken, zich als een laag-geborene voor Varuna, de Heer en bewaarder van hen die onder water leven en zei: 'O grote Heer, lever strijd met Mij! (Vedabase)
U bent de bewaarder van dit oord, een bekend heerser. Door uw macht die de trots terugdrong van de ingebeelde helden en waarmee u al de Daitya's en Dânava's [de zoons van Diti en Daksha's dochter Danu, beschouwd als demonen] in de wereld heb overwonnen, wist u ooit een groot koningsoffer [râjasûya] te brengen, o meester.'
U bent de bewaarder van dit oord, een bekend heerser. Door uw macht, die de trots terugdrong van de ingebeelde helden en waardoor u al de Daitya's en Danava's [de zoons van Diti en Daksha's dochter Danu, beschouwd als demonen] in de wereld heb overwonnen, hebt u ooit een groot koningsoffer [râjasûya] weten te brengen, o Meester.' (Vedabase)
Aldus goed op de hak genomen door een vijand wiens ijdelheid geen grenzen kende, werd de respectabele heer der wateren kwaad, maar zich met gezond verstand intomend gaf hij ten antwoord: 'O mijn beste, we hebben het pad der gewapende strijd achter ons gelaten.
Aldus op de hak genomen door een vijand behept met een grenzeloze ijdelheid, werd de respektabele Heer der wateren kwaad, maar zich met gezond verstand bedwingend gaf hij ten antwoord: ' O mijn beste, we hebben het pad der gewapende strijd achter ons gelaten. (Vedabase)"
Er schiet me niemand anders dan de Alleroudste Persoon te binnen die naar uw tevredenheid in een gevecht met u afdoende vaardig zal zijn in de krijgskunst, o koning van de wereld. Benader Hem maar, Hij die zelfs door helden als u wordt gewaardeerd.
Er schiet me niemand anders te binnen dan de alleroudste persoon die in het gevecht met u dermate vaardig is in de krijgstkunst dat het u een genoegen zal zijn, o koning van de wereld; benader Hem maar, die zelfs door helden als u wordt gewaardeerd. (Vedabase)
Als u Hem bereikt, o grote held, zal u snel van uw trots genezen zijn en op het slagveld tenondergaan om tussen de honden te belanden. Om het kwaad uit te roeien dat u bent en om de deugdzamen Zijn genade te tonen, verlangt Hij het om Zijn gedaanten aan te nemen.'
Als u Hem bereikt, o grote held, zal u snel van uw trots genezen en op het slagveld ten onder gaan om u bij de honden te voegen. Het is voor het uitroeien van het valse dat u bent en om de deugdzamen Zijn genade te tonen, dat Hij het verlangt Zijn gedaanten aan te nemen.' (Vedabase)

De tekst en de audio worden aangeboden onder de
Creative Commons
Attribution-Noncommercial-Share Alike 3.0 Unported License.
Het schilderij is getiteld: 'Karma' en is © van Wim
Kuenen
(Prema, gebruikt met toestemming).
Productie: de Filognostische
Associatie
van De
Orde van de Tijd
Feed-back | Links | Downloads | Muziek | Afbeeldingen | Wat is er Nieuw? | Zoeken | Donaties